John O'Shea, Black Market Pudding (foto: Rob Kollaard, courtesy Stroom Den Haag)
Donderdag 26 januari 2012 is het Gedichtendag. Het thema van deze dag is 'stroom'. 'Stroom is er altijd en overal', aldus de website www.gedichtendag.com. Stroom Den Haag kan natuurlijk niet achterblijven en daarom kiest Stroom medewerker Francien van Westrenen deze week elke dag een gedicht. Hierbij laat zij zich inspireren door de werken in de huidige Stroom-toonstelling 'Food Forward'. Vandaag het gedicht 'Mysterie' van Mustafa Stitou bij 'The Meat Licence Project' en 'Black Market Pudding' van John O'Shea .
MYSTERIE
1
Een afgebrokkeld muurtje centraal op het plein
dateert volgens de slachters uit de achtste eeuw;
op de plaats van het muurtje brachten de eerste bekeerlingen
ter gelegenheid van het slachtfeest hun eerste correcte offer.
De prachtige slachtzaal (Jugendstil-elementen) is door een rijke
Franse familie gebouwd aan het begin van de twintigste eeuw;
het slachthuis bevond zich toen net buiten het administratieve centrum.
Sinds het vertrek van de oude kolonisator zo’n vijftig jaar geleden
is er veel gebeurd, het centrum is enorm uitgedijd,
de stadsbevolking verzoveelvoudigd
maar het slachthuis staat er nog steeds.
Een stadsbestuur met een beetje visie zou het prachtige
slachthuis kunnen verbouwen (de kleine ruïne blijft intact)
en vervolgens omdopen tot museum bijvoorbeeld,
zodat tenminste een deel van de door Amerikaanse
archeologen opgediepte voorwerpen niet hoeft verscheept
maar híer een mooi heenkomen vindt.
2
Een museum zou een hele vooruitgang betekenen want
het zijn macabere taferelen, de getraliede roestbakken beladen
met nietsvermoedend rein vee, langs kruideniers en internetcafés
knetterend naar het slachthuis onderweg.
Op sommige dagen als een stolp op het centrum
de weeë geur van bloed. Het desperate geloei
van een koe die ineens lijkt te begrijpen wat haar
te wachten staat. Wilde honden
zwervend door de winkelstraten.
Een slachter in bloedbesmeurde witte jas en
bloedbesmeurde lieslaarzen, puffend maar ongenaakbaar
langs zwijgend winkelend publiek een kruiwagen voor zich uit
duwend, volgeladen met ingewanden –
geenszins bevorderlijk voor massatoerisme,
waar deze streek het toch echt van zal moeten hebben
wil het hier ooit wat worden.
Werkelijk, een mysterie dat er niet wordt ingegrepen.
Je zou haast gaan geloven dat het bestuur behekst is
en elke nieuwe generatie opnieuw in de ban raakt
van een geheiligd muurtje, een ruïne van niks.
© 2003 Mustafa Stitou
Uit: Varkensroze ansichten (De Bezige Bij, Amsterdam 2003)
Bron internet: http://lyrikline.org
Er zijn in Nederland nog maar een paar slachthuizen en geen ervan staat in de stad. Dat was vroeger wel anders. In vrijwel elke grote stad herinnert een Slachthuisterrein of –buurt nog aan de plek waar voorheen het gemeentelijke slachthuis gevestigd was. In Den Haag bijvoorbeeld aan de Neherkade in Laakhaven. In haar boek 'Hungry City' opent Carlyn Steel onze ogen voor de historische relatie tussen stad en voedsel, waar nu alleen de straatnamen nog naar verwijzen. Om allerlei begrijpelijke redenen – logistieke, economische, culturele, hygiënische – zijn productie en verwerking van voedsel steeds verder de stad uit geduwd. Met als gevolg dat de mens en de stad verwijderd en vervreemd zijn geraakt van hun voedselbronnen. Het sterkst speelt die vervreemding een rol bij de veehouderij en slachterij. We eten kilo’s vlees, maar willen liever niet zien hoe dat vlees leeft, laat staan hoe het gedood en geslacht wordt. Dat merkten we al toen we 'City Pig' presenteerden, het voorstel van The Why Factory voor een varkenshouderij in de Binckhorst. Nee, hier geen bloedbesmeurde witte jassen, maar bloedeloze stukken filet in piepschuimen bakjes. Bij ons was dat slachthuis allang gesloopt of een museum geworden, maar in de stad die Mustafa Stitou beschrijft speelt historie en cultuur nog een te grote rol.
John O’Shea spreekt ons aan op onze schijnheilige houding. Als je vlees wilt eten moet je ook bereid zijn het te doden. Ik vermoed dat er heel wat minder vleeseters zouden zijn als deze regel doorgang zou vinden. Zijn Black Market Pudding gaat misschien nog een stap verder. Bloedworst van een levend varken, dus zonder dat 't geslacht hoeft te worden. Net als bij 'City Pig' gaat het O’Shea in wezen om een humanere vleesproductie en –consumptie. Hoe komt het dan toch dat we daar zo ‘onmenselijk’ op reageren?
Tekst: Francien van Westrenen
'Food Forward'
15 januari t/m 1 april 2012
Stroom Den Haag, Hogewal 1-9, Den Haag
Meer informatie: www.stroom.nl





Reacties